Werkloze PKK-strijders kunnen risico zijn voor de regio
De Koerdisch-Turkse strijdgroep PKK trekt zich terug uit Turkije. Maar er zijn nog geen afspraken over hun re-integratie in de Turkse samenleving. Dat is gevaarlijk. Want werkloze getrainde strijders betekenen bijna altijd nieuwe problemen.
Door Judit Neurink
De begraafplaats strekt zich uit tussen het groen van bergen en bomen, met rijen grijze, rechthoekige graven voor PKK-martelaren. Stenen dozen, met het woord ‘sjehid’ boven de naam en achterop een foto. In de hoek liggen een een paar bergjes aarde, waar recent gesneuvelde kameraden zijn begraven voor wie nog geen officieel graf is. Een paar grote zwartwit-portretten van prominente gesneuvelden trekken het oog.
Hier in de Qandil-bergen van Iraaks-Koerdistan liggen vele tientallen PKK-strijders begraven die zijn gesneuveld in de jarenlange strijd tegen de Turkse overheid. Een strijd om rechten, tegen discriminatie en tegen pogingen om Koerden in Turkije onzichtbaar te maken. Een strijd die hopelijk over niet al te lange tijd eindelijk echt voorbij is.
Deze week kondigde de PKK aan haar strijders terug te zullen trekken uit Turkije, als volgende stap in het vredesproces dat al sinds juli aan de gang is. Eerder verbrandde ze tijdens een ceremoniële bijeenkomst in Sulaymaniya al tientallen wapens. De groep zegt dat de bal nu bij de Turkse overheid ligt, want die moet juridische en politieke stappen nemen, zoals amnestie voor PKK’ers als PKK-leider Ocalan en de Koerdische leider Demirtas.
Frustratie
De PKK lijkt vooral te willen benadrukken: wij doen alles wat we kunnen, nu is Ankara aan zet. Er linkt frustratie in de aankondiging door, want maandenlang bilateraal overleg over de vervolgstappen heeft weinig tastbaars opgeleverd. Belangrijk is dat er afspraken komen zodat ontwapende PKK-strijders terug kunnen naar huis en daar al dan niet een politieke rol kunnen gaan spelen.
Daarmee is het ‘vertrek’ vooral een symbolische aankondiging. De PKK heeft nauwelijks nog een militaire aanwezigheid in Turkije. Die concentreert zich al geruime tijd in de Koerdistan Regio van Irak, wat ook het belangrijkste strijdveld tussen de twee partijen is geworden. Behalve dat Turkije daar voortdurend PKK-doelen bestookt, heeft het ook tientallen Koerdische grensdorpen ontvolkt en een hele grensstrook bezet.
Bij een eerdere poging om tot vrede te komen tussen de Turken en de PKK, was er sprake van deelname van de Iraakse Koerdische autoriteiten om de PKK-strijders te ontwapenen en voorlopig onderdak te verlenen. Dat akkoord strandde echter in 2015. Voor de strijders en sommige van hun families was er geen andere oplossing dan in Iraaks Koerdistan te blijven, bijvoorbeeld in het Makhmour-kamp, op een uurtje rijden van de Iraaks-Koerdische hoofdstad Erbil.
Ook dat kamp is in de tussenliggende jaren door Turkije meermaals bestookt, terwijl de PKK-strijders een toch belangrijke rol hebben gespeeld in de oorlog tegen de islamitische terreurgroep ISIS. En hun broeders in Syrië dat tot op de dag van vandaag (met Amerikaanse hulp) nog steeds doen.
Behoefte
De vraag is of Turkije met alle ontwikkelingen in de regio nog wel zo’n behoefte heeft aan afspraken met de PKK. Ankara heeft belangrijke invloed gekregen in buurland Syrië, sinds soennitische rebellen daar aan de macht zijn gekomen. Ze speelt momenteel een rol in het vredesproces in Gaza. Er lijkt een goede relatie te zijn tussen de Turkse president Erdogan en de Amerikaanse president Trump. En Europa heeft Ankara nog steeds nodig om vluchtelingen buiten de deur te houden.
Anderzijds past de ontwapening wel in een trend in de regio. Hezbollah en Hamas moeten eraan geloven (al verzetten ze zich ertegen). De Amerikanen oefenen in Irak steeds meer druk uit op de overheid in Bagdad om de sjiitische milities die ISIS hebben bevochten met steun van Iran, eindelijk te ontwapenen. Dat is omstreden onder pro-Iraanse partijen, maar een hartstochtelijke wens van veel anderen. De Amerikanen hebben mede daarom zelfs weer een afgezant (de Chaldees-Amerikaanse zakenman Mark Savaya) voor Irak benoemd.
Dat Ankara geen haast maakt om de PKK officieel te verwijderen van de lijst van volksvijanden, heeft vermoedelijk vooral te maken met een gebrek aan vertrouwen. Kijk alleen naar Syrië, waar Koerden zich niet terug in het hok laten duwen na jaren van feitelijke autonomie. En naar Iran, waar ze klaarstaan om zich te roeren op het moment dat de overheid in Teheran voldoende verzwakt is.
In beide landen spelen daarbij filialen van de PKK een rol; in Syrië vormen ze zelfs het bestuur. Maar algemener is de wens van Koerden om zelfbestuur te hebben en wellicht zelfs de opdeling van Koerdistan over vier landen (na ruim honderd jaar) ongedaan te maken, onuitroeibaar.
Irak
Alleen in Iraaks Koerdistan heeft Ankara nog enige invloed via de regering van premier Masrour Barzani; hoewel een paar honderd kilometers naar het oosten Koerdische politici en burgers juist sterke banden hebben met de PKK. Dat leidde tot jarenlange straf; pas onlangs is op voorspraak van de Koerdische president Nechirvan Barzani de Turks ban op het vliegveld van Sulaymaniya opgeheven.
Wat tot nu toe onbesproken blijft is wat er in de Koerdistan Regio van Irak gaat gebeuren met al die PKK-strijders die zich daar moeten gaan verzamelen. In afwachting van het verdere normaliseringsproces in Turkije, weliswaar, maar er is geen enkele garantie dat dit er ook echt komt.
De buitenlandscommissie van het Iraakse parlement heeft zijn zorg al uitgesproken over de situatie. Al die strijders zouden een bedreiging zijn voor de nationale veiligheid en een risico dat het land binnengezogen wordt in regionale conflicten. De parlementscommissie wil dan ook graag weten of er überhaupt overleg is geweest tussen Ankara en Bagdad, en of er maatregelen zijn genomen om de invloed van de relocatie van al die geharde strijders te beperken.
Erbil
Vanuit de Iraaks-Koerdische hoofdstad Erbil blijft het opvallend stil. De regerende Barzani-partij KDP heeft in het verleden herhaaldelijk aangedrongen met het vertrek van de PKK. Haar aanwezigheid zou tot alle problemen met Turkije leiden (en het verjagen van dorpelingen in de grensstreek), en de soevereiniteit van Irak ondermijnen.
Oudere Koerden herinneren zich nog de gevechten die er zijn geweest tussen PKK en KDP – omstreden, want bij broederstrijd zijn er geen winnaars. Maar wat moeten de Barzani’s met honderden getrainde en geharde strijders die eerder geneigd zullen zijn zich aan te sluiten bij de tegenpartij, de PUK van de Talabani’s, dan zich te voegen naar de wensen van de KDP. Welke rol kunnen zij spelen in de steeds weer oplaaiende conflicten tussen die twee partijen en families?
En dan is er Iran, dat ook niet blij zal zijn om hun komst zo vlak over de grens in het Qandilgebergte. Teheran had Erbil (na enkele gerichte raketaanvallen) eindelijk zover dat het de Iraans-Koerdische oppositiepartijen onschadelijk had gemaakt – en nu zijn er straks al die werkloze PKK-strijders die nauwe banden hebben met de meest radicale daarvan, PJAK. Verleggen zij hun strijd wellicht naar Iran, dat nog steeds z’n wonden likt na de 12-daagse oorlog met Israël?
Of trekken ze juist naar Syrië, om het filiaal daar bij te staan, als het zijn commandanten en strijders laat instromen in het reguliere Syrische leger? Als een signaal aan Damascus, dat de Syrische Koerden nog altijd een militie achter de hand hebben, mochten de machthebbers hen toch hun autonomie willen afnemen?
Gevaar
Het klinkt zo positief: na al die jaren van strijd en duizenden doden wil de PKK af van het geweld en haar mensen re-integreren in de Turkse samenleving. Maar het werkt alleen, als er bindende afspraken zijn en een grondige planning. Met nauw omschreven doelen.
Komt dat er niet – en dat lijkt op dit moment nogal onzeker – dan kunnen de zo toe te juichen stappen van de PKK juist leiden tot nieuw geweld. Want ervaren strijders die werkloos worden vormen altijd een gevaar.
Waardeer dit artikel!
Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen. Als veel lezers dit doen, kan ik artikelen blijven schrijven over het Midden-Oosten.
