Waarom soevereiniteit een loos woord is in Irak
Sommigen zeggen dat dit het einde is van een era: de Amerikanen zijn weg uit Irak. Maar ze vertrokken al eens eerder. En dat liep niet echt goed af. De vraag is of er vijftien jaar later meer kans op duurzame vrede is.
Door Judit Neurink
In Bagdad is bij het vertrek van de Amerikaanse troepen feest gevierd vanwege de ‘herwonnen soevereiniteit’. De regering kondigde zelfs drie vrije dagen af en riep 30 september uit tot de ‘Dag van de Soevereiniteit’.
Toch wat vreemd als je bedenkt waarom die troepen eigenlijk in Irak waren. Namelijk op verzoek van Bagdad, dat wanhopig hulp nodig had nadat de terreurgroep ISIS een derde van het land had veroverd.
Volgens een afspraak uit 2024 moesten alle Amerikaanse troepen Irak op 30 september hebben verlaten. De Iraakse minister van buitenlandse zaken, Fuad Hussein, meldde dat ze dat zelfs al een paar dagen eerder hadden gedaan.
Meer dan een wat omfloerst bedankje van de Iraakse premier Ali al-Zaidi kon er niet af voor alle manschappen en apparatuur die de Amerikanen en hun partners in 2014 invlogen. Geen ceremonie om de Amerikanen te bedanken voor het organiseren van een internationale coalitie die uiteindelijk ISIS wist te verslaan – wat de Irakezen alleen nooit was gelukt. En ook met de hulp van Iran niet. Die doorslaggevende rol kwam in geen van de toespraken in Bagdad aan de orde, evenmin als de levens die ook aan Amerikaanse zijde verloren gingen.
Trainen
Na de val van ISIS in 2017 zijn de Amerikanen vooral gebleven om de Iraakse militairen en veiligheidstroepen nog verder te trainen. Om te zorgen dat ze in de toekomst het gevaar eerder zullen herkennen. Maar het is maar de vraag of ze dat kunnen, want het gevaar zit nu in hun midden. In de sjiitische milities, die loyaler zijn aan buurland Iran dan aan hun eigen land, bijvoorbeeld.
En dat buurland heeft sinds februari zo’n duizend drones en raketten afgevuurd op de Koerden in Irak. Doelwit waren vooral Iraans-Koerdische verzetsgroepen, maar zij niet alleen. Zelfs woningen en kantoren van de Koerdische president en premier kwamen onder vuur te liggen. Daarbij kwamen zeker 32 mensen om en raakten er 154 gewond. De aanvallen gaan nog door; de jongste dateert van 28 september.
Een groot deel van die aanvallen werden voor Iran uitgevoerd door Iraakse sjiitische milities. De Koerdische president Nechirvan Barzani stelde onlangs dat de Koerden precies weten wie er precies verantwoordelijk voor waren. Een deel van de drones en raketten werden afgevuurd vanuit gebied waar milities actief zijn, zoals Mosul, Kirkuk en Diyala.
De Koerden hebben de Amerikanen vergeefs gesmeekt niet te vertrekken. Amerikaans afweergeschut op de vliegvelden van Erbil en Harir heeft een meervoud aan drones en raketten onderschept van wat er doel raakte. Het enige wat daarvan achterblijft is een C-RAM systeem om drones te onderscheppen die op de Amerikaanse ambassade in Erbil worden afgevuurd. Door het gebrek aan luchtafweer ligt de Koerdistan Regio nu open voor een hoos aan aanvallen.
Vacuüm
Zowel de Koerdische oud-president Masoud Barzani als zijn zoon, premier Masrour Barzani hebben in internationale media tegen het Amerikaanse vertrek geprotesteerd. De oud-president waarschuwde voor een herhaling van 2011, toen er door het vertrek van de Amerikanen een vacuüm ontstond waarvan radicale moslimgroepen gretig gebruik maakten. Dat leidde uiteindelijk tot de ISIS overname van delen van Irak in 2014.
Hoewel ISIS sterk verzwakt is, worden er nog regelmatig ISIS-cellen opgepakt in zowel Irak als Syrië. Washington laat dan ook weten dat het van de Iraakse veiligheidstroepen verwacht dat ze, samen met de Koerdische Peshmerga en andere veiligheidstroepen in de Koerdische Regio de strijd tegen ISIS voortzetten. En beloofde door te gaan met het trainen van troepen en het leveren van militaire inlichtingen.
Maar hoe de toekomstige relatie tussen Washington en Bagdad eruit gaat zien, is nog niet formeel afgesproken. En dat moet wel, want Washington heeft nog een belangrijke band met Irak. Het int de dollars die de Irakezen uit de oliehandel krijgen, en heeft al eens laten zien dat het er geen moeite mee heeft om het dichtdraaien van de geldkraan te gebruiken als drukmiddel.
ISIS speelt nog een rol, maar voor de Koerden wordt het grotere probleem inmiddels gevormd door de pro-Iraanse milities en buurland Iran. Temeer omdat de afspraak, dat tegelijkertijd met het Amerikaanse vertrek die milities hun wapens aan de Iraakse staat zouden overdragen, is gebroken. De deadline daarvoor is verstreken. De meer radicale milities hebben geweigerd mee te werken. Het is ook duidelijk dat Iran de milities niet kwijt wil – zeker niet op een moment waarop de oorlog met de VS voortsuddert.
Respijt
De regering van premier Al-Zaida heeft inmiddels besloten dat de milities respijt krijgen tot juni 2027. In navolging van zijn voorgangers heeft de Iraakse premier geen weerwerk kunnen bieden aan de machtigste van de milities. Die kondigen nu aan dat ze pas zullen ontwapenen als behalve de Amerikaanse ook Turkse troepen, de Iraanse oppositie en de PKK-strijders uit Irak vertrekken. En als de Koerdische peshmerga wordt opgedoekt.
De Koerden vrezen niet alleen voor de aanvallen, maar ook voor de invloed van Teheran op de regering in Bagdad. En daarmee voor een steeds verdere afkalving van hun autonomie binnen Irak; een proces dat na de strijd tegen ISIS in gang is gezet. Het verbieden van een eigen Koerdisch leger zou daarin passen.
Regio
Maar het feit dat Bagdad geen zeggenschap heeft over milities die in bezit zijn van zware wapens, heeft gevolgen voor de hele regio. Nu er geen Amerikanen meer zijn om het nodige weerwerk te bieden vormen die een toenemend gevaar voor de buurlanden. Die milities waren al verantwoordelijk voor een aantal raket- en drone-aanvallen op Saoedi-Arabië en Koeweit. Ze weten dat ze op weinig tegenstand van de Iraakse regering hoeven te rekenen, waarmee de lat voor dit soort aanvallen veel lager is komen te liggen als de spanningen tussen de VS, Israël en Iran weer oplopen.
En dat geldt ook voor de situatie in Irak zelf. De Iraakse premier heeft weliswaar bij aantreden flink huisgehouden onder corrupte ambtenaren, maar de grote spelers die lid zijn van de machtigste milities heeft hij ongemoeid moeten laten. Nu hebben ze de kans om hun greep op instituties, grensposten en veiligheidsbeslissingen uit te breiden en het reguliere leger te overvleugelen.
Een voorproefje kregen de Irakezen al, toen de militieleider van Kataib Hezbollah de regering in Bagdad waarschuwde tegen het naleven van Amerikaanse sancties tegen Iran. ‘Een regering die niet werkt ten bate van de burgers zal ten val worden gebracht,’ dreigde hij.
Hoe cynisch het is om een Dag van de Soevereiniteit in te stellen, terwijl buurland Iran steeds meer macht krijgt in Bagdad, is veel Irakezen niet ontgaan. Als ze blij zijn met het vertrek van de Amerikanen die velen immers alleen zien als de bezetters van na de invasie van 2003, dan is die vreugde toch vermengd met angst voor wat er komt.
Velen vrezen dat Iran hen via de milities in een oorlog trekt, waar ze niets mee te maken hebben. Want voor Iran is Irak slechts een Iraanse provincie die ze aan het inlijven is.
Waardeer dit artikel!
Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen. Als veel lezers dit doen, kan ik artikelen blijven schrijven over het Midden-Oosten.
