Illustratie van Twitter
Achtergrond

Erdogans landjepik bij de Koerden

Het Turkse leger trekt Iraaks Koerdistan binnen en voert er een bommencampagne. De wereld kijkt toe. Terwijl president Erdogan via landjepik zijn Ottomaanse ambitie steeds verder uitwerkt.

Illustratie van Twitter

Door Judit Neurink

#Kurdishlivesmatter en #ErdoganKills Kurds. Met die hashtags proberen Iraakse Koerden aandacht van de wereld te veroveren voor de Turkse aanval in hun regio die al sinds 15 juni gaande is. De aandacht kregen ze op zich: #TurkeyInvadesKurdistan was in enkele landen (Duitsland, Zweden, Oekraïne – en zelfs even in Turkije) enige tijd trending op Twitter. Maar dat leidde verder niet tot de actie die ze gewenst hadden.

Net zomin als de beelden van ouders die op de hete vrije vrijdag met hun twee kinderen aan het spelen waren in een ondiep riviertje buiten Sulaymaniya, toen ze verrast werden door een Turkse bom. Er was ophef, maar nauwelijks meer dan dat. Die aanval was bedoeld voor de auto van een paar leden van de Turks-Koerdische PKK, waarvan er een zou zijn omgekomen.

In de twee weken dat Turkije al bezig is met een offensief over de grens in de Koerdische Regio van Irak, zouden zes Koerdische burgers zijn omgekomen. Inmiddels hebben Turkse militairen al dertig kilometer van de grensregio ten noordwesten van de handelsplaats Duhok onder de voet gelopen. Vijftig dorpen zijn ontvolkt, en het gebied is voor iedereen afgesloten.

PKK

Turkije zegt dat de acties gericht zijn tegen de PKK, omdat die vanuit Iraaks Koerdistan aanvallen uitvoert op Turks grondgebied. Door de dorpen af te sluiten, kan de PKK ze niet meer als uitvalsbases gebruiken. Eerder gebeurde hetzelfde meer oostelijk, nabij het drielandenpunt met Iran. In totaal zijn door dit soort activiteiten nu al 361 dorpen in Iraakse Koerdistan ontvolkt geraakt.

Feit is dat als gevolg van de vele honderden aanvallen door Turkse bommenwerpers en drones van de afgelopen tijd, veel PKK-ers zich gedwongen hebben gezien hun bases in de Qandil-bergen in te ruilen voor de anonimiteit van de Koerdische steden en dorpen. Waarmee de aanvallen zich ook verplaatst hebben.

De Turken kunnen zich beroepen op oude akkoorden waarmee een eeuw geleden, na de val van het Ottomaanse rijk, de Britten afspraken hebben proberen te maken over de Iraakse grenzen. Irak was toen Brits mandaatgebied. Turkije kreeg daarbij een invloedsfeer van 25 tot 30 kilometer in Noord-Irak – in de huidige semiautonome Koerdische Regio. Omdat de verdragen nooit zijn opgezegd of vervangen kan Irak weinig doen tegen de tientallen militaire bases die de Turken de afgelopen jaren in die zone hebben gevestigd.

Ottomaans

Probleem is dat er meer zit achter het Turkse offensief dan een oud verdrag. Ten eerste gebruikt president Erdogan de PKK maar al te graag als zondebok om de aandacht af te wenden van de (economische) problemen in eigen land. Daarnaast is er echter ook de ambitie van een nieuw Ottomaans rijk, waarbij gebieden die een eeuw geleden verloren gingen teruggepakt worden. Ook in Syrië zijn bij Turkse acties Koerdische gebieden en steden ingenomen. Erdogan ziet zichzelf als een nieuwe sultan van een hersteld rijk.

Veelzeggend is in dit verband een video van de Turkse internationale zender TRT World over de Koerdische hoofdstad Erbil. Die wordt neergezet als Turkmeens. De hele geschiedenis van de 6000 jaar oude citadel van de stad wordt gemakshalve maar even vergeten.

Het is waar dat de Turkmenen een rol hebben gespeeld in de stad, maar niet anders dan eerder bijvoorbeeld de Assyriërs en zelfs de Joden. Ook Erbil was onderdeel van het Ottomaanse rijk, maar dat is verleden tijd. Veel Turken kunnen dat niet accepteren, en Erdogan speelt daarop in; hij heeft er zelfs kaarten op laten maken. Soortgelijke aanspraken zijn er ook op Kirkuk en Mosul.

Verdeel

Turkije is bovendien een kei in het verdeel- en heersspel waar de Koerden steeds weer intrappen. Met de operaties weet het een deel van de Iraakse Koerden op te zetten tegen de PKK. Terwijl PKK-strijders veel goodwill hebben weten te verzamelen door mee te vechten tegen ISIS, klinkt nu de roep aan de groep om haar strijd terug te verplaatsen naar Turkije.

De nieuwe gouverneur van Duhok Ali Tatar verklaarde dat de PKK als niet-Iraakse macht niets te zoeken heeft in zijn provincie. Zij is de oorzaak van alle problemen, en moet vertrekken, zei hij. Hij gaat daarin verder dan veel van de dorpelingen, die zich weliswaar tegen de PKK uitspreken maar toch vooral de Turken de schuld geven.

Verdeel en heer speelt ook tussen Bagdad en de Koerden. Ankara speelt met graagte in op het conflict tussen beiden over de afdracht van Koerdische olie, en over de rol van de Koerden in betwist gebied. En op de onmin waarin de twee zijn geraakt door het onafhankelijkheidsreferendum van de Koerden van 2017. Als de Koerden onafhankelijk willen zijn, dan moeten ze het ook zelf uitvechten met de Turken, is de impliciete boodschap.

Daadkracht

Wat veel Koerden vooral dwarszit, is het gebrek aan daadkracht van de zijde van hun eigen overheid. Verder dan een protest aan het adres van de Turken is het niet gekomen. Het ministerie van Peshmerga beklaagt zich er in gesprek met de Engelse website van Rudaw over dat de Turken op geen enkele manier in contact zijn getreden over het offensief, en noemt het een ernstige schending van de Koerdische en de Iraakse soevereiniteit. Er zijn Koerdische troepen naar het grensgebied gestuurd, maar daar blijft het bij.

In Bagdad is de Turkse ambassadeur een aantal keren op het matje geroepen, maar ook dat leidde niet tot het vertrek van de troepen of het staken van de aanvallen. Sterker nog, Turkije heeft aangekondigd dat het ook nog nieuwe bases zal gaan vestigen in de betrokken grensregio.

De hashtag-actie van de Koerden was een poging om de wereld ervan te overtuigen dat ze moet ingrijpen. De NAVO moet partner Turkije kapittelen, de Verenigde Naties moet zich tegen het offensief uitspreken. Veel Koerden voelen zich machteloos, temeer omdat ze zich in het KDP-deel van de regio monddood gemaakt voelen. Betogingen ertegen zijn in Duhok en Erbil verboden. Vanwege de anti-coronamaatregelen, maar gefrustreerde Koerden zien dat als censuur, want in de provincie Sulaymaniya is wel betoogd.

Landjepik

Velen vragen zich bovendien af wat Turkije nu eigenlijk tegen de PKK denkt te kunnen uitrichten. Het gebied waar zich het offensief afspeelt is bergachtig. Daar zijn guerrillastrijders veruit in het voordeel tegenover het veel loggere Turkse leger. Daarom lijkt het er steeds meer op, dat het offensief vooral in naam tegen de PKK gericht is. In werkelijkheid is het net zoveel bedoeld voor intern gebruik in een tijd dat de politieke steun voor Erdogan’s AKP afkalft, als om de Iraakse Koerden zover te krijgen dat zij hun PKK-kameraden het huis uitzetten.

Het gevaar is echter nog vele malen groter. Als Erdogan zijn gang kan blijven gaan, zal hij maar wat graag opnieuw landjepik plegen en de Turkse grens een kilometer of twintig binnen Irak verplaatsen. In Syrië heeft hij al laten zien hoe hij daarna de nieuwe gebieden Turkificeert. Hij heeft ook het wapengekletter jegens de Grieken opgevoerd. Krijgt hij na Syrië ook in Iraaks Koerdistan geen echte tegenwerking, dan zal hij dat aangrijpen om zijn Ottomaanse ambitie steeds verder uit te werken. De echte hashtag zou dan ook moeten zijn: #StopSultanErdogan.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen. Als veel lezers dit doen, kan ik artikelen blijven schrijven over het Midden-Oosten.

Mijn gekozen waardering € -

 

Mijn boek ‘Geweld is nooit ver weg. Tien jaar berichten uit Irak’ is verkrijgbaar bij de boekhandel in Nederland en België (ook als e-boek).

Judit Neurink
Judit Neurink is journalist en auteur, en schrijft over Irak en het Midden-Oosten